Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 33

Tijdelijke onderbreking bijstand

Onderdeel van Verzamelbeleidsregels Participatiewet IOAW, IOAZ, Bbz 2015

1.. De uitkering wordt bij werkaanvaarding beëindigd vanaf de datum van werkaanvaarding, tenzij op voorhand duidelijk is dat er sprake is van tijdelijk werk zoals bedoeld in lid 3. 2.. Indien binnen een maand na datum stopzetting opnieuw bijstand wordt aangevraagd, dan wordt de uitkering heropend vanaf de datum van stopzetting onder verrekening van de ontvangen inkomsten. 3.. Bij een onderbreking van de bijstand waarbij vooraf vaststaat dat het minder dan één maand betreft, kan worden volstaan met het verrekenen van de inkomsten en hoeft niet per direct beëindigd te worden. 4.. Na een maand wordt de tijdelijke onderbreking beëindigd, indien kan worden aangenomen dat de inkomsten na deze maand dalen tot onder de van toepassing zijnde norm. Als de periode van onderbreking korter is dan 30 dagen, wordt het 'recht op' niet onderbroken maar volgt er (op grond van art. 45 lid 3 Pwet) slechts een tijdelijke opschorting van de betaling.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel