**1..** Ieder lid dat in de Besluitvormende Raadsvergadering aanwezig is, is
bevoegd wijzigingen voor te stellen op het voorgestelde besluit
(amendementen). Ook kan hij voorstellen, het voorgestelde besluit in
een of meer onderdelen te splitsen, waarover afzonderlijke
besluitvorming zal plaatsvinden. Raadsleden dienen amendementen en
subamendementen voor het sluiten van de beraadslaging van het
voorstel waarop deze betrekking hebben in bij de voorzitter;
**2..** Ieder lid dat in de vergadering aanwezig is, is bevoegd op het
amendement dat door een lid is ingediend, een wijziging voor te
stellen (subamendement);
**3..** Elk (sub-)amendement en elk voorstel moet schriftelijk of
elektronisch bij de voorzitter worden ingediend, tenzij de
voorzitter – met het oog op het eenvoudige karakter van het
voorgestelde – oordeelt, dat met een mondelinge indiening kan worden
volstaan;
**4..** Een (sub-)amendement dient zodanig te zijn geformuleerd dat de tekst
ervan geschikt is om in het ontwerpbesluit te worden verwerkt;
**5..** Intrekking, door de indiener(s), van het subamendement is mogelijk
totdat de besluitvorming door de vergadering heeft
plaatsgevonden.
Hoofdstuk 3.
Artikel 41.
Amendementen en subamendementen
Onderdeel van Reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de Raad 2015