De rechthebbende op paarden, runderen, varkens, schapen, geiten, konijnen of pluimvee, die zich bevinden in een aan een weg liggend weiland of terrein dat niet van die weg is afgescheiden door een deugdelijke veekering, is verplicht ervoor te zorgen dat zodanige maatregelen getroffen worden dat deze die weg niet kunnen bereiken.
Hoofdstuk 2 › Afdeling 4:
Artikel 2.4.22
Loslopend vee
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening 2007