Naar hoofdinhoud
1.. Het besluit tot het instellen van een onderzoek bevat een omschrijving van het onderwerp van onderzoek alsmede een toelichting. Deze omschrijving kan hangende het onderzoek, al dan niet op verzoek van de commissie die het onderzoek verricht, door de gemeenteraad worden gewijzigd. 2.. De uitvoering van dit besluit wordt opgedragen aan hetzij een reeds door de gemeenteraad ingestelde commissie, hetzij aan een daartoe voor dit onderzoek in te stellen tijdelijke commissie. 3.. De door de raad voor het onderzoek ingestelde tijdelijke commissie bestaat uit zeven raadsleden. 4.. De commissie wijst uit haar midden een voorzitter en een plaatsvervangend voorzitter aan. 5.. Het presidium wijst op voorstel van de griffier de secretaris van de commissie aan. 6.. De commissie kan geen van de bevoegdheden, haar bij deze verordening of Gemeentewet verleent, uitoefenen, indien niet ten minste drie van haar leden tegenwoordig zijn. 7.. De bevoegdheden en de werkzaamheden van de commissie worden niet geschorst door het aftreden van de gemeenteraad. De nieuw geïnstalleerde gemeenteraad vervult zo spoedig mogelijk de door het aftreden van leden ontstane vacatures in de commissie.

Rechtspraak bij dit artikel