Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 18

Afbouwtoelage

Onderdeel van Bezoldigingsregeling gemeente Drimmelen 2006

1.. Aan de ambtenaar wiens bezoldiging, als gevolg van het buiten zijn toedoen beëindigen of verminderen van een toelage als bedoeld in de artikelen 11, 15,16 en 17 een blijvende verlaging ondergaat, wordt door burgemeester en wethouders een aflopende toelage toegekend, indien de ambtenaar de tijdelijke toelage - als bedoeld in artikelen 11, 12a, 15,16 en 17 - direct voorafgaande aan het tijdstip van vorenbedoelde beëindiging of vermindering ervan, gedurende ten minste twee jaren zonder wezenlijke onderbreking heeft genoten. 2.. In afwijking van het bepaalde in het eerste lid wordt aan de ambtenaar van 60 jaar of ouder wiens bezoldiging als gevolg van het buiten zijn toedoen beëindigen of verminderen van een toelage als bedoeld in artikelen 11,12a,15,16 en 17 - een blijvende verlaging ondergaat, een blijvende toelage toegekend, indien de ambtenaar de toelage - als bedoeld in artikelen 11, 12a, 15,16 en 17- direct voorafgaande aan het tijdstip van vorenbedoelde beëindiging of vermindering ervan gedurende ten minste 10 jaren zonder wezenlijke onderbreking heeft genoten. Voor de toepassing van voorgaande leden wordt onder wezenlijke onderbrekingverstaan een onderbreking van langer dan drie maanden. 3.. De afbouwtoelage kent het volgende verloop: het eerste halfjaar ontvangt de ambtenaar 100% van de daling die het gevolg is van het vervallen van de toelagen; het tweede halfjaar ontvangt de ambtenaar 75% van de daling die het gevolg is van het vervallen van de toelagen; het derde halfjaar ontvangt de ambtenaar 50% van de daling die het gevolg is van het vervallen van de toelagen; het vierde halfjaar ontvangt de ambtenaar 25% van de daling die het gevolg is van het vervallen van de toelagen. 4.. De hoogte van toelagen als basis voor de afbouwtoelage geldt het gemiddelde per jaar van de ontvangen toelagen over de 2 direct voorafgaande kalenderjaren.

Rechtspraak bij dit artikel