Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 3

Artikel 14

De aanvraag tot subsidievaststelling

Onderdeel van Algemene Subsidieverordening gemeente Hulst 2007

1.. Bij de aanvraag tot subsidievaststelling toont de aanvrager aan dat de activiteiten hebben plaatsgevonden overeenkomstig de aan de subsidie verbonden verplichtingen, tenzij de subsidievaststelling tegelijk met de -verlening heeft plaatsgevonden. 2.. Bij de aanvraag tot subsidievaststelling legt de aanvrager rekening en verantwoording af omtrent de aan de activiteiten verbonden uitgaven en inkomsten, voor zover deze voor de vaststelling van de subsidie van belang zijn. 3.. Het college kan de subsidieontvanger verplichten tot medewerking aan een aanvullend accountantsonderzoek. 4.. Bij de aanvraag voegt de subsidieontvanger een inhoudelijk en financieel verslag, waarin in ieder geval zijn beschreven: de aard en omvang van de verrichte activiteiten; een beschrijving in hoeverre de door de gemeente nagestreefde doelstellingen zijn behaald en een toelichting op verschillen tussen de nagestreefde doelstellingen en behaalde resultaten. 5.. Bij subsidieontvangers, worden de volgende categorieën onderscheiden, met betrekking tot de verplichting van het overleggen van een verklaring door een accountant: een subsidie van € 0 tot € 15.000,-: geen verklaring nodig; een subsidie van € 15.000,- tot € 45.000,-: een beoordelingsverklaring nodig 1 keer per 3 jaar, waarbij het jaar steekproefsgewijs wordt vastgesteld; een subsidie van € 45.000,- en meer: jaarlijks een volledige accountantsverklaring. 6.. Het college kan bepalen dat bij door hen aan te wijzen instellingen de subsidieverlening en –vaststelling gelijktijdig plaatsvindt. 7.. Het college kan nadere regels stellen met betrekking tot de stukken, genoemd in de leden 1 tot en met 5 van dit artikel.

Rechtspraak bij dit artikel