Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 5.

Artikel 36.

Uitsluitingen

Onderdeel van Huisvestingsverordening 2015 gemeente Scherpenzeel

1.. Er wordt geen urgentie verleend indien op basis van leeftijd, gezinssituatie of woonsituatie te voorzien was dat een nieuwe woning noodzakelijk zou worden en er geen sprake is van een onverwacht optredende noodsituatie. De beoordeling wordt afgestemd op het individuele geval. 2.. Er wordt geen urgentie verleend wanneer de huisvestingsproblematiek primair veroorzaakt wordt door: (dreigende) dakloosheid door eigen toedoen / woningontruiming; terugkeer naar gemeente en/of familie na echtscheiding elders; terugkeer of komst naar de gemeente op medische gronden, tenzij alleen een woning in de gemeente Scherpenzeel als enige oplossing overblijft. De noodzaak moet worden aangetoond door de aanvrager; inwoning/kamerbewoning; zwangerschap; burenruzie/hinder/overlast; huurschuld of schadevordering woningstichting; gezins- of familieproblematiek; gezinshereniging; maatschappelijke binding; remigratie onregelmatige werktijden / reisafstand werk / economische binding; vrijwillige verlating van een woning; lange wachttijd reguliere toewijzing n.a.v. reacties via Huiswaarts.nu terugkeer van detentie 3.. Een combinatie van factoren zoals genoemd in het tweede lid, kan wel aanleiding zijn voor een urgentie. In geval van een combinatie van factoren kan urgentie worden toegekend indien de gevolgen van de huidige woonsituatie dermate ernstig zijn dat voortzetten niet van de aanvrager gevergd kan worden. 4.. Het tweede lid onder a,b,g en h blijven buiten beschouwing indien de aanvrager behoort tot de OGGZ-doelgroep.

Rechtspraak bij dit artikel