Naar hoofdinhoud
1. Binnen zes weken na de bekendmaking van het besluit van Provinciale Staten dat het inleidend verzoek is toegelaten, dan wel van de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State dat een beroep tegen het besluit van Provinciale Staten dat het inleidend verzoek niet wordt toegelaten gegrond wordt verklaard, kan iedere kiesgerechtigde bij de voorzitter van de referendumcommissie een verklaring tot ondersteuning van het inleidend verzoek afleggen. De verklaring tot ondersteuning dient binnen de termijn van zes weken door de voorzitter te zijn ontvangen. 2. Voor de beoordeling of aan de vereisten voor het kiesrecht is voldaan, is bepalend of dit op enig tijdstip binnen de in het eerste lid bedoelde termijn het geval was. 3. Een verklaring tot ondersteuning wordt afgelegd door het plaatsen van de voornaam, de achternaam, het adres, de geboortedatum, de geboorteplaats en de handtekening op het formulier of een fotokopie daarvan. 4. Op het formulier kunnen ondersteuningsverklaringen van één of meerdere kiesgerechtigden staan. 5. Het formulier wordt kosteloos beschikbaar gesteld door de referendumcommissie en is reeds voorzien van een benaming van het besluit waarop de ondersteuningsverklaring betrekking heeft. Gedeputeerde Staten stellen voor het formulier een model vast. 6. Een door de voorzitter van de referendumcommissie aan te wijzen persoon tekent bij ontvangst van een formulier hierop de datum van ontvangst aan.

Rechtspraak bij dit artikel