Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2.

Artikel 6.

Onderzoek geloofsbrieven; beëdiging; benoeming wethouders

Onderdeel van Reglement van orde voor de raad gemeente Wierden 2012

1.. Bij elke benoeming van nieuwe leden van de raad stelt de raad een commissie in bestaande uit drie leden van de raad. De commissie onderzoekt de geloofsbrieven, de daarop betrekking hebbende stukken van nieuw benoemde leden. 2.. De commissie brengt na haar onderzoek van de geloofsbrieven verslag uit aan de raad en doet daarbij een voorstel voor een besluit. In het verslag wordt ook melding gemaakt van een minderheidsstandpunt. 3.. Het onderzoek van het proces-verbaal van het centraal stembureau gebeurt in de laatste samenkomst van de raad in oude samenstelling na de verkiezingen. 4.. Na een raadsverkiezing roept de voorzitter de toegelaten leden van de raad op om in de eerste vergadering van de raad in nieuwe samenstelling, bedoeld in artikel 18 van de Gemeentewet, de voorgeschreven eed of verklaring en belofte af te leggen. 5.. In geval van een tussentijdse vacaturevervulling roept de voorzitter een nieuw benoemd lid van de raad op voor de vergadering van de raad waarin over diens toelating wordt beslist om de voorgeschreven eed of verklaring en belofte af te leggen. 6.. Bij de benoeming van een wethouder wordt een commissie ingesteld, die de benoembaarheid van de wethouder onderzoekt. De commissie bestaat uit de fractievoorzitters van de partijen; als een fractievoorzitter zelf kandidaat-wethouder is, wijst de betreffende fractie een ander lid uit deze fractie aan als lid van de commissie, tenzij de fractie uit één lid bestaat. De kandidaat-wethouder overlegt aan de commissie alle documenten en informatie, die nodig is voor de toetsing. De commissie onderzoekt of de kandidaat voldoet aan de eisen die de Gemeentewet aan wethouders stelt. De kandidaat wordt in gelegenheid gesteld de overgelegde informatie toe te lichten. Op basis van de beoordeelde informatie formuleert de commissie schriftelijk een beargumenteerd advies aan de raad ten aanzien van de benoembaarheid van de voorgedragen wethouder, voor zover nog niet verankerd in de Gemeentewet, en doet daarbij een voorstel voor een besluit. In het verslag wordt ook melding gemaakt van een eventueel minderheidsstandpunt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel