**1..** De wethouder kan voor reizen ten behoeve van de gemeente gebruik
maken van dienstvervoer met of zonder chauffeur. Onder dienstvervoer
wordt voor de toepassing van dit artikel mede verstaan een door de
gemeente ingehuurde auto.
**2..** Dienstvervoer met of zonder chauffeur kan met inachtneming van het
bepaalde in artikel 15 door de wethouder ook worden gebruikt voor
het reizen tussen de woning en de plaats van tewerkstelling en voor
reizen ten behoeve van nevenfuncties die de wethouder vervult uit
hoofde van zijn ambt.
**3..** Indien de wethouder op grond van artikel 15 een tegemoetkoming
ontvangt in de reiskosten tussen de woning en de plaats van
tewerkstelling wordt een korting op de tegemoetkoming toegepast ter
grootte van
1/20e deel van de tegemoetkoming in de betreffende maand
voor elke dag waarop zowel van de woning naar de plaats van
tewerkstelling als omgekeerd van de plaats van
tewerkstelling naar de woning gebruik is gemaakt van
dienstvervoer;
1/40e deel van de tegemoetkoming in de betreffende maand
voor elke dag waarop alleen hetzij van de woning naar de
plaats van tewerkstelling hetzij omgekeerd van de plaats van
tewerkstelling naar de woning gebruik is gemaakt van
dienstvervoer.
**4..** Indien de wethouder voor reizen ten behoeve van in het tweede lid
bedoelde nevenfuncties gebruik maakt van dienstvervoer en daarvoor
van een derde ook een vergoeding van reiskosten ontvangt wordt die
vergoeding in de gemeentelijke kas gestort.
hoofdstuk 3
Artikel 17
dienstvervoer
Onderdeel van Verordening rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden