Het college kan een voorziening beëindigen:
indien de persoon die aan de voorziening deelneemt zijn verplichting als bedoeld in artikel 9 van de wet, of artikel 8 van deze verordening niet nakomt;
indien de persoon die deelneemt niet meer behoort tot de doelgroep van de wet of deze verordening;
indien de persoon algemeen geaccepteerde arbeid aanvaardt;
indien de persoon een aanbod om algemeen geaccepteerde arbeid te aanvaarden weigert;
indien naar het oordeel van het college de voorziening onvoldoende bijdraagt aan een snelle arbeidsinschakeling.