**1..** Op grond van deze regeling verleent het college subsidies zoals bedoeld in de ASA 2012, art. 1, lid c, voor activiteiten die:
ertoe bijdragen dat meer mensen de (grootstedelijke) burgerschapscompetenties beheersen die nodig zijn om volwaardig in de Amsterdamse samenleving te participeren;
ertoe bijdragen dat meer Amsterdammers mensen accepteren die anders zijn dan zijzelf (in afkomst, levensbeschouwing of religie, ras, seksuele gerichtheid of sekse) en dat in hun gedrag laten zien;
gericht zijn op het opzetten en inrichten van een vrijwilligers(zelf)organisatie voor een groep die relevant is voor het burgerschaps- en diversiteitsbeleid en voor wie nog geen belangenorganisatie bestaat in de stad.
**2..** Per twee jaar benoemt het college voorafgaand aan de periode waarvoor subsidie kan worden aangevraagd speerpunten binnen de doelstellingen en de onder het eerste lid bedoelde activiteiten.
Hoofdstuk
Artikel 1.4
Subsidiabele activiteiten
Onderdeel van Subsidieregeling burgerschap en diversiteit