Naar hoofdinhoud
1.. De aan de rve-directeur, de directeur en de stadsdeelsecretaris krachtens dit besluit gemandateerde bevoegdheden met uitzondering van de in bijlage 3 opgenomen bevoegdheden die aan hen blijven voorbehouden, kunnen door hen worden ondergemandateerd: aan afdelingshoofden of andere functionarissen binnen het eigen organisatieonderdeel, of aan rve-directeuren, directeuren en stadsdeelsecretarissen van andere organisatieonderdelen voor zover het bevoegdheden betreft die genoemd zijn opgenomen in bijlage 4, of aan functionarissen die niet werkzaam zijn voor het organisatieonderdeel en die zijn aangewezen in de zin van artikel 7 lid 1 van de Budgethoudersregeling voor zover het de bevoegdheid betreft als bedoeld in bijlage 1, onder B en voor zover het zijn werkterrein betreft. 2. . De aan de directeur en de stadsdeelsecretaris krachtens dit besluit gemandateerde bevoegdheden die zijn opgenomen in bijlage 5 worden ondergemandateerd aan: De afdelingshoofden en/of de teamleiders binnen het eigen organisatieonderdeel. 3.. Bij het ondermandaat kunnen kaders en beperkingen worden vastgesteld die de reikwijdte van het mandaat beperken.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel