**1..** De persoon uit de doelgroep kan aanspraak maken op ondersteuning bij arbeidsre-integratie ten behoeve van het realiseren van de kortste weg naar algemeen geaccepteerde arbeid waartoe deze in staat is.
**2..** Het college stelt na samenspraak met de persoon uit de doelgroep vast welke voorziening het meest geschikt is om het beoogde doel te behalen.
**3..** Bij het aanbieden van een voorziening geeft het college de inhoud, doelstelling en duur van de voorziening aan. Indien van toepassing motiveert het college waarom geen uitvoering wordt gegeven aan de door de belanghebbende gewenste ondersteuning bij arbeidsinschakeling.
**4..** Indien door het college aan een persoon uit de doelgroep een voorziening wordt aangeboden, wordt bij de voorziening, indien nodig, de mogelijkheid geboden om verlof op te nemen in verband met vakantie, sollicitaties en bijzondere omstandigheden.
**5..** Een persoon uit de doelgroep dient bij zijn aanspraak op ondersteuning bij arbeidsre-integratie:
mee te werken aan een onderzoek naar zijn mogelijkheden tot arbeidsinschakeling;
inlichtingen te verstrekken die van belang zijn voor de beoordeling van de aanspraak op ondersteuning;
naar vermogen mee te werken aan een aangeboden voorziening en aan het realiseren van het doel van de voorziening.
**6..** Het college informeert de belanghebbende op adequate wijze over de voor hem geldende rechten en plichten jegens het college en derden welke voortvloeien uit deze verordening of anderszins betrekking hebben op diens arbeidsre-integratie en medewerking aan voorzieningen.
Hoofdstuk
Artikel 1.6
Ondersteuning bij arbeidsre-integratie
Onderdeel van Re-integratieverordening Participatiewet Amsterdam