Op grond van artikel 4, lid 1 f. van de verordening stelt het dagelijks bestuur het maximum aantal bewonersvergunningen per zelfstandige woning vast.
De voorwaarden om in aanmerking te komen voor een bewonersvergunning, vindt men in artikel 9, lid 1 van de verordening.
Lid 1.
In de Nota Parkeerbeleid Stadsdeel Oost, door de deelraad vastgesteld op 8 mei 2012, is vastgelegd dat voor het hele stadsdeel gaat gelden, dat er per adres slechts één parkeervergunning voor bewoners kan worden aangevraagd.
Het maximum van één bewonersvergunning is terug te vinden in lid 1.
In artikel 4 zijn de vergunninggebieden en deelvergunninggebieden opgenomen, waarvan het (deel)vergunningenplafond is vastgesteld op nul. De consequentie hiervan is, dat in die (deel)vergunninggebieden geen bewonersvergunningen kunnen worden verleend.
In een aantal (deel)vergunninggebieden bestond in het verleden de mogelijkheid dat per zelfstandige woning twee bewonersvergunningen werden verleend. Voor de tweede vergunning wordt een uitsterfbeleid gehanteerd. Dit uitsterfbeleid is vastgelegd in artikel 20 (Overgangsbepalingen).
Lid 2.
In vergunninggebied Oost-12 zal er, na het daadwerkelijk invoeren van betaald parkeren, in de loop van 2014, gedurende twee maanden de gelegenheid zijn twee bewonersvergunningen per zelfstandige woning te verkrijgen. Hiermee kunnen de auto's van de huidige bewoners, die te maken krijgen met betaald parkeren, van een parkeervergunning worden voorzien.
Met het oog daarop is dit tweede lid opgenomen.
Na deze twee maanden zal het parkeerregime in vergunninggebied Oost-12 conform dat in de rest van het stadsdeel worden uitgevoerd: maximaal 1 bewonersvergunning per zelfstandige woning, en een uitsterfregeling voor de verleende tweede bewonersvergunningen.
Op dat moment zal het tweede lid worden ingetrokken, en zal in artikel 20 een overgangsbepaling met betrekking tot dit vergunninggebied worden toegevoegd.
Lid 3.
Op grond van artikel 9, lid 2 en 3 van de verordening, heeft het dagelijks bestuur de mogelijkheid om maximaal twee of drie bewonersvergunningen te verlenen.
Dit derde lid betreft een uitzondering op het maximum, gesteld in lid 1.
Op basis van dit lid is het mogelijk om in bepaalde gevallen ook binnen de vergunninggebieden, bedoeld in lid 1 a., een tweede bewonersvergunning te verlenen. Een tweede bewonersvergunning kan worden verleend aan degene aan wie door zijn werkgever een bedrijfsvoertuig, vallende onder de grijs kentekenregeling, ter beschikking is gesteld, uitsluitend voor de uitoefening van zijn beroep, ten behoeve van dat motorrijtuig. Hierdoor is het mogelijk om voor een dergelijk motorrijtuig een parkeervergunning te verlenen náást een parkeervergunning, die de aanvrager al heeft ten behoeve van een privé-(personen)auto.
Het gaat in dit lid met name om bedrijfsbusjes, waarin materialen worden opgeslagen en vervoerd, voor personen die met deze materialen vanaf hun huisadres werken. In verband met spoedeisendheid of bedrijfslogistiek kunnen zij niet eerst deze materialen ophalen bij het vestigingsadres van hun bedrijf.
Met deze bedrijfsbusjes worden gelijkgesteld de personenbusjes, die in opdracht worden gebruikt voor het vervoer van scholieren (bijv. naar het speciaal onderwijs) en van ouderen binnen het stadsdeel. De vaste bestuurders hiervan kunnen voor deze busjes een vergunning krijgen, zodat zij bij hun woning kunnen parkeren. Ook hier gaat het om voertuigen, die doorgaans niet als privé-voertuig door de bestuurder worden gebruikt.
Deze regeling geldt niet voor de (deel)vergunninggebieden met een nulplafond, aangezien daar de parkeerruimte op de openbare weg uitsluitend bestemd is voor bezoekers.
Lid 4.
Dit lid is opgenomen ter uitvoering van artikel 9, lid 5 van de verordening, om een cumulatie van bewonersvergunningen en bedrijfsvergunningen te voorkomen. In het geval dat een bewoner een bedrijf heeft gevestigd op het adres van zijn zelfstandige woning, kan hij kiezen tussen het verkrijgen van een bewonersvergunning of van één of meer bedrijfsvergunningen, conform artikel 10 van de verordening.
In het geval één of meer bedrijfsvergunningen zijn verleend, bestaat er geen aanspraak meer op een bewonersvergunning.
Lid 5.
Hiermee wordt duidelijk, dat voor de toepassing van dit artikel de milieuparkeervergunning voor bewoners binnen de definitie van "bewonersvergunning" valt, en de bedrijfsvergunning met wisselend kenteken, zoals bedoeld in artikel 11 van de verordening, en de milieuparkeervergunning voor bedrijven, al dan niet met wisselend kenteken, binnen de definitie van "bedrijfsvergunning".
Hoofdstuk › Paragraaf
Artikel 9.
Aantal te verlenen bewonersvergunningen
Onderdeel van Uitwerkingsbesluit Parkeerverordening Stadsdeel Oost 2014