Naar hoofdinhoud

Artikel 7

Hoogte bestuurlijke boete

Onderdeel van Beleidsregels Participatiewet Veldhoven

De hoogte van de bestuurlijke boete wordt afgestemd op de ernst van de overtreding, de mate van verwijtbaarheid en de (financiële) situatie van betrokkene(n). De bestuurlijke boete wordt gebaseerd op het benadelingsbedrag, met als uitgangspunt: 100% van het benadelingsbedrag als opzet is bewezen; 75% van het benadelingsbedrag als grove schuld is bewezen; 50% van het benadelingsbedrag in overige gevallen; 25% van het benadelingsbedrag bij verminderde verwijtbaarheid. Bij recidive wordt de bestuurlijke boete gebaseerd op 150% van het benadelingsbedrag, met als uitgangspunt: 100% van 150% van het benadelingsbedrag als opzet is bewezen; 75% van 150% van het benadelingsbedrag als grove schuld is bewezen; 50% van 150% van het benadelingsbedrag in overige gevallen; 25% van 150% van het benadelingsbedrag bij verminderde verwijtbaarheid. Als iedere vorm van verwijtbaarheid ontbreekt, wordt geen boete opgelegd. Boetes mogen niet hoger zijn dan de boetes van de vijfde categorie zoals bedoeld in art. 23 vierde lid van het Wetboek van Strafrecht. Als er sprake is van een situatie zoals bedoeld in artikel 6 lid 2 van deze beleidsregels, wordt er een boete opgelegd van maximaal de eerste categorie zoals bedoeld in art. 23 vierde lid van het Wetboek van Strafrecht.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel