Het college bepaalt in overleg met de aanvrager de definitieve locatie van de oplaadpaal en/of andere oplaadinfrastructuur en de aan te wijzen parkeerplaats(en). Het college toetst hierbij aan de volgende criteria:
de behoefte aan een oplaadpaal en/of oplaadinfrastructuur moet blijken uit de behoefte van gebruikers binnen een straal van 250 meter hemelsbreed van de aangevraagde locatie;
zijn er al bestaande oplaadpalen en/of oplaadinfrastructuur aanwezig op of aan de weg binnen de genoemde straal van 250 meter;
is de desbetreffende grond eigendom van de gemeente;
is de locatie van de oplaadpaal en/of oplaadinfrastructuur voor een iedere gemakkelijk te vinden en zichtbaar is;
is het aannemelijk dat de locatie door meerdere gebruikers gedeeld wordt (dit om te voorkomen dat er “privé-parkeerplaatsen” ontstaan);
kan de oplaadpaal en/of oplaadinfrastructuur worden voorzien van twee of meer aansluitpunten en kunnen – eventueel op termijn – twee of meer parkeerplaatsen worden bediend;
laat de parkeerdruk dit toe (bezetting van 95% in woonwijken en 85% op parkeerterreinen als drempelwaarde);
betreft het een bestaand parkeervak / bestaande parkeervakken;
blijft de vrije doorgang voor ander verkeer (auto, fiets, voetganger, rolstoel etc.) gewaarborgd;
zijn er geen belemmeringen ten aanzien van ander straatmeubilair of (openbaar) groen;
past de oplaadpaal en/of oplaadinfrastructuur in het straatbeeld;
is er sprake van geplande reconstructies of andere infrastructurele ontwikkelingen.
In beginsel wordt er bij een nieuw te realiseren oplaadpaal en/of oplaadinfrastructuur één parkeerplaats aangewezen voor het opladen van elektrische voertuigen. Indien het gebruik van de oplaadpaal en/of oplaadinfrastructuur dit toelaat, kan het college besluiten ook een tweede parkeerplaats aan te wijzen. Het college heeft hiervoor twee mogelijkheden:
door middel van een aanpassing van het bestaande verkeersbesluit. Tegen dit besluit staat bezwaar en beroep open, zoals ook tegen het oorspronkelijke verkeersbesluit zelf.
direct in het verkeersbesluit twee parkeerplaatsen aanwijzen en de feitelijke realisering hiervan uit te stellen tot een nader door het college te bepalen datum. Ook tegen dit laatste besluit van het college staat bezwaar en beroep open, omdat dan pas het feitelijk rechtsgevolg in werking treedt (ook op de tweede parkeerplaats mag dan niet meer worden geparkeerd met een niet-elektrisch voertuig).
De aanvrager toont aan de hand van het aantal uren dat de oplaadpaal en/of oplaadinfrastructuur effectief in gebruik is geweest en/of aan de hand van nieuwe verzoeken van potentiële gebruikers aan dat er behoefte bestaat aan een tweede parkeerplaats.
Hoofdstuk 3.
Artikel 5.
Definitieve locatie oplaadpaal/-infrastructuur
Onderdeel van Beleidsregels oplaadinfrastructuur elektrische voertuigen gemeente Lisse (geldig tot januari 2019)