1.
Het college stelt de algemene voorwaarden die van toepassing zijn op de door de kredietbank gesloten kredietovereenkomsten.
2.
De algemene voorwaarden dienen in ieder geval de volgende bepalingen te bevatten:
a.
de boeken, dit in ruimste zin van het woord, van de kredietbank strekken tot volledig bewijs van:
i.
alle door de kredietbank aan of voor rekening van de kredietnemer gedane betalingen;
ii.
alle door of vanwege de kredietnemer aan de kredietbank gedane betalingen;
iii.
De hoogte van de vordering;
3.
één en ander onverminderd het recht van de kredietnemer tot het leveren van tegenbewijs;
a.
de kredietbank zal ook in rechte ten bewijze van haar vordering kunnen volstaan met het produceren van door de kredietbank conform getekende uittreksels uit haar boeken;
b.
de kredietbank is bevoegd het krediet vervroegd op te eisen in de gevallen als bedoeld in artikel 32 van dit reglement.
4.
Het college kan het opstellen van algemene voorwaarden aan het hoofd delegeren, mandateren of ter uitvoering daarvan volmacht verlenen.
5.
Indien het opstellen van de algemene voorwaarden geschiedt door het hoofd, dan worden deze ter goedkeuring voorgelegd aan het college.
6.
De kredietbank draagt er zorg voor dat de aanvrager van een krediet uiterlijk voor of bij het sluiten van de kredietovereenkomst daarvan een schriftelijk exemplaar ontvangt.
HOOFDSTUK IV › Paragraaf 3
Artikel 24
Algemene voorwaarden
Onderdeel van Reglement Gemeentelijke Kredietbank Emmen