Let op!
Het college kan een regeling vaststellen waarbij de ministeriële regeling bedoeld in artikel 31 van de wet (de Uitvoeringsregeling invorderingswet 1990) niet, dan wel gedeeltelijk van toepassing is verklaard. De gemeente heeft de bevoegdheid zelfstandig regels te stellen voor de, bij de berekening van de invorderingsrente, toe te passen afrondingen en voor het niet in rekening brengen van invorderingsrente die een bepaald bedrag niet te boven gaat.
Voor de berekening en de afronding van invorderingsrente wordt Hoofdstuk III van de Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990 gehanteerd, met uitzondering van artikel 33 van die regeling. Artikel 33 regelt een drempelbedrag wanneer geen invorderingsrente in rekening wordt gebracht; hiervoor is in deze leidraad onder artikel 28.8 een afwijkende bepaling opgenomen.
Er zijn in deze leidraad op de artikelen 31 en artikel 31a van de wet geen beleidsregels gemaakt.
Artikel 31
en artikel 31a Afwijkingen betalingskorting en invorderingsrente
Onderdeel van Leidraad Invordering Gemeentelijke Belastingen