Van gebruikelijke hulp is sprake indien er een huisgenoot aanwezig is, die in staat kan worden geacht het huishoudelijk werk over te nemen.
Onder huisgenoot wordt verstaan:
“een persoon die- ofwel op basis van een familieband, ofwel op basis van een bewuste keuze - één huishouden vormt met de persoon die beperkingen ondervindt. Een huisgenoot is bijvoorbeeld een inwonend kind, maar zijn ook inwonende ouders. Of er sprake is van inwoning wordt beoordeeld aan de hand van de concrete en feitelijke situatie. Daarbij staat inwonend tegenover het hebben van een volledig eigen en zelfstandige huishouding, waarbij er geen zaken zoals huisnummer, kosten nutsvoorzieningen en voordeur door elkaar lopen”.
Bij gebruikelijke hulp wordt rekening gehouden met de leeftijd van de huisgenoot. Tot 18 jaar wordt van huisgenoten verwacht dat zij hun bijdrage leveren bijvoorbeeld door hun eigen kamer schoon te houden en/of door hand- en spandiensten te verrichten, zoals het doen van (kleine) boodschappen en het helpen bij de afwas. Bij gebruikelijke hulp wordt uitgegaan van de mogelijkheid om naast een volledige baan een huishouden te kunnen runnen. Alleen bij daadwerkelijke afwezigheid van de huisgenoot gedurende een aantal dagen en nachten zullen de niet-uitstelbare taken overgenomen kunnen worden. Bij het zwaar en licht huishoudelijk werk gaat het veelal om uitstelbare taken. Alleen als schoonmaken niet kan blijven liggen (bijvoorbeeld door regelmatig geknoeide vloeistoffen en eten) zal dat direct moeten gebeuren. Hier zal dan ondanks de gedeeltelijk gebruikelijke hulp wel voor geïndiceerd worden. In situaties korter dan drie maanden moet alle hulp door de gebruikelijke zorger worden geboden.
Gebruikelijke begeleiding
Voor zorg van ouders ten opzichte van hun kinderen geldt dat gebruikelijke begeleiding onder gebruikelijke hulp valt. Onder gebruikelijke begeleiding behoort:
het geven van begeleiding op het terrein van de maatschappelijke participatie;
het geven van begeleiding binnen de persoonlijke levenssfeer, zoals familiebezoek en huisarts;
het bieden van hulp of het overnemen van taken die bij een gezamenlijk huishouden horen, zoals het doen van de administratie;
het leren omgaan van derden (familie en vrienden) met de cliënt;
het bieden van een beschermende woonomgeving van ouders aan kinderen is tenminste een leeftijd van 17 jaar zowel in kortdurende als langdurige situaties gebruikelijk.
Het rijk heeft in het kader van de Awbz een richtlijn ontwikkeld voor gebruikelijke hulp voor
ouders ten opzichte van hun kinderen. Gekozen is om deze richtlijnen niet op te nemen in de Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning 2015, omdat dit niet aansluit bij de Kantelingsgedachte.
Hoofdstuk 1
Artikel 1.4
Gebruikelijke hulp
Onderdeel van Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning, gemeente Epe 2015