- Een cliënt doet op verzoek van de gemeente of uit eigen beweging mededeling van alle feiten en omstandigheden, waarvan hem redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat deze aanleiding kunnen zijn tot heroverweging van een beslissing tot verstrekking van een maatwerkvoorziening of een pgb.
- De gemeente kan een beslissing tot het verstrekken van een maatwerkvoorziening of pgb herzien of intrekken als de gemeente vaststelt dat:
a. de cliënt onjuiste gegevens heeft verstrekt en de verstrekking van juiste of volledige gegevens tot een andere beslissing zou hebben geleid;
b. de cliënt niet langer op de maatwerkvoorziening of het pgb is aangewezen;
c. de maatwerkvoorziening of pgb niet langer meer toereikend is (te achten);
e. de cliënt de maatwerkvoorziening of het pgb niet of voor een ander gebruikt.
- Een beslissing tot verlening van een pgb kan worden ingetrokken als blijkt dat het pgb binnen zes maanden na uitbetaling niet is aangewend voor de bekostiging van de voorziening waarvoor de verlening heeft plaats gevonden.
- Als de gemeente een beslissing heeft ingetrokken en de verstrekking van de onjuiste of onvolledige gegevens opzettelijk door de cliënt heeft plaatsgevonden, kan de gemeente van de cliënt en degene die daaraan opzettelijk zijn medewerking heeft verleend, geheel of gedeeltelijk de geldswaarde vorderen van de ten onrechte genoten maatwerkvoorziening of ten onrechte genoten pgb.
- In geval het recht op een bruikleen verstrekte voorziening is ingetrokken, kan d voorziening worden teruggevorderd. ze
Hoofdstuk 5
Artikel 5.2
Nieuwe feiten en omstandigheden, intrekking en terugvordering
Onderdeel van Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning, gemeente Epe 2015