Gedragingen van een belanghebbende waardoor een verplichting op grond
van de artikelen 9, 9a en 55 van de Participatiewet niet of onvoldoende
wordt nagekomen worden onderscheiden in de volgende categoriën:
eerste categorie: het zich niet tijdig laten registreren als
werkzoekende bij het Uitvoeringsinstituut
werknemersverzekeringen of het niet tijdig laten verlengen van
de registratie;
tweede categorie:
het niet of niet voldoende meewerken aan het opstellen,
uitvoeren en evalueren van het plan van aanpak als
bedoeld in artikel 44a van de Participatiewet;
het onvoldoende nakomen van de verplichtingen als
bedoeld in de artikelen 9, eerste lid of 55 van de
Participatiewet, voor zover het gaat om een
belanghebbende, jonger dan 27 jaar, gedurende vier weken
na een melding als bedoeld in artikel 43, vierde en
vijfde lid van de Participatiewet, voor zover deze
verplichtingen niet worden genoemd in artikel 18, vierde
lid van de Participatiewet;
het uit houding en gedrag ondubbelzinnig laten blijken
verplichtingen als bedoeld in artikel 9, eerste lid,
onderdeel b van de Participatiewet niet te willen
nakomen, wat heeft geleid tot het intrekken van de
ontheffing van de arbeidsplicht voor een alleenstaande
ouder, bedoeld in artikel 9a, eerste lid van de
Participatiewet;
het niet of onvoldoende verrichten van een door het
college opgedragen tegenprestatie naar vermogen als
bedoeld in artikel 9, eerste lid, onderdeel c van de
Participatiewet;
het niet of onvoldoende nakomen van de
medewerkingsplicht als bedoeld in artikel 17, tweede
lid, van de Participatiewet.
derde categorie: het niet naar vermogen proberen algemeen
geaccepteerde arbeid te verkrijgen in de gemeente van inwoning
voor zover dit niet voortvloeit uit een gedraging als bedoeld in
artikel 18, vierde lid van de Participatiewet.
Hoofdstuk
Artikel 7
– Gedragingen Participatiewet
Onderdeel van Afstemmingsverordening Participatiewet, Ioaw en Ioaz 2015 Dantumadiel