De exploitant dient de vergunning aan te vragen onder overlegging van:
een nauwkeurige beschrijving van de inrichting waarbij is opgenomen
de oppervlakte daarvan, alsmede een plattegrond waarin is aangegeven
op welke plaats in de speelautomatenhal en in welk aantal kansspel-
en/of behendigheidsautomaten worden opgesteld;
een verklaring waaruit blijkt dat hij gerechtigd is over de ruimte
te beschikken;
een verklaring omtrent het gedrag: van de exploitant dan wel, indien
de exploitant een rechtspersoon is, van degene(n) die de onderneming
krachtens de statuten vertegenwoordigt(en), van de beheerder die in
de hal werkzaam zijn;
een bewijs dat in de speelautomatenhal sprake is van
toegangscontrole waarbij de leeftijd als bedoeld in artikel 30u van
de wet wordt gecontroleerd;
een bewijs waaruit blijkt dat de exploitant in het bezit is van een
op grond van de DEKRA criteria afgegeven Certificaat
Amusementscentra;
een plan waarin de exploitant aangeeft op welke wijze hij
kansspelverslaving voorkomt en bestrijdt.