**1..** Het college verzamelt alle voor het onderzoek van belang zijnde en
toegankelijke gegevens over de cliënt of de jeugdige en zijn
situatie en maakt binnen vijf werkdagen met hem een afspraak voor
een gesprek. Wanneer het een hulpvraag betreft in het kader van de
Jeugdwet brengt het college de jeugdige en zijn ouder(s) op de
hoogte van de mogelijkheid om binnen een redelijke termijn een
familiegroepsplan als bedoeld in artikel 1.1 van deze wet op te
stellen. Als de jeugdige en zijn ouder(s) daarom verzoeken draagt
het college zorg voor ondersteuning bij het opstellen van een
familiegroepsplan.
**2..** Voor het gesprek verschaft de cliënt of de jeugdige of zijn ouder(s)
het college alle overige gegevens en bescheiden die naar het oordeel
van het college voor het onderzoek nodig zijn en waarover hij
redelijkerwijs de beschikking kan krijgen. De cliënt of de jeugdige
of zijn ouder(s) verstrekken in ieder geval een
identificatiedocument als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de
identificatieplicht ter inzage.
**3..** Het college is bevoegd om, voor zover dit van belang kan zijn voor
het onderzoek, degene door of namens wie een aanvraag is ingediend
of bij gebruikelijke hulp diens relevante huisgenoten:
te verzoeken in persoon te verschijnen op een door het
college te bepalen plaats en tijdstip en hem te
bevragen;
op een door het college te bepalen plaats en tijdstip door
een of meer deskundigen te doen bevragen en/of
onderzoeken
**4..** Als de cliënt of de jeugdige genoegzaam bekend is bij de gemeente,
kan het college in overeenstemming met de cliënt of de jeugdige of
zijn ouder(s) afzien van een vooronderzoek als bedoeld in het tweede
lid.
Paragraaf 1
Artikel 3.
Vooronderzoek
Onderdeel van Uitvoeringsbesluit Maatschappelijke ondersteuning en Jeugdhulp gemeente Ommen 2015