In deze verordening wordt verstaan onder:
markt: de door het college ingestelde warenmarkt;
standplaats: de ruimte die voor de duur van de markt is
aangewezen voor het uitoefenen van de markthandel;
vaste standplaats: de standplaats die voor onbepaalde tijd ter
beschikking is gesteld aan een vergunninghouder;
dagplaats: de standplaats die per marktdag ter beschikking wordt
gesteld aan een gegadigde, omdat deze niet als vaste standplaats
is toegewezen dan wel ingenomen;
standwerken: de activiteit waarbij de vergunninghouder publiek
om zich heen verzamelt en dat publiek door een aansprekende
uiteenzetting probeert over te halen tot de aankoop van één
product;
standwerkerplaats: de standplaats die per marktdag ter
beschikking wordt gesteld om te standwerken en niet breder is
dan 4.00 meter;
aanmelding: schriftelijk verzoek om deel te mogen nemen aan de
selectieprocedure of loting;
aanvraag: aanvraag in de zin van artikel 1:3, derde lid, van de
Algemene wet bestuursrecht;
vergunninghouder: degene aan wie door het college vergunning is
verleend voor het innemen van een standplaats;
anciënniteitlijst: de lijst van vergunninghouders van een vaste
standplaats op startdatum geselecteerd;
marktmeester: de persoon die als zodanig is aangewezen door het
college;
brancheringslijst: een lijst met artikelengroepen of
branches.