Burgemeester en wethouders kunnen in verband met het respecteren van het
groepsrisico in het kader van externe veiligheid nadere eisen stellen inzake:
a. het uitvoeren van de gebouwen met preventief lekwerende middelen om deuren/ramen, ventilatiekanalen en schoorsteenkanalen zoveel mogelijk lekdicht te kunnen afsluiten;
b. het voorzien van de gebouwen van brandwerende gevels en ramen;
c. het aanbrengen van de beglazing aan gebouwen, zodanig uitgevoerd dat scherfwerking wordt voorkomen;
d. de situering van de (nood)uitgangen van gebouwen;
e. het aanbrengen van gevelornamenten aan gebouwen;
f. het binnen een gebouw situeren van minder zelfredzame personen;
g. het creëren van vluchtwegen;
h. de centrale ventilatie;
i. het alarmeringssysteem.