Naar hoofdinhoud
1. Indien de subsidie betrekking heeft op paragraaf 1, 7 of 8 van hoofdstuk 2 of op hoofdstuk 3worden netto inkomsten die gedurende de referentieperiode als bedoeld in bijlage artikel 61,derde lid, onder b, van VO(EU)1303/2013 gegenereerd na voltooiing van de activiteit in mindering gebracht op de subsidiabele kosten. 2. De referentieperiode omvat mede de uitvoeringsperiode van de gesubsidieerde activiteit. 3. De netto contante waarde van de netto inkomsten gedurende de referentie periode wordt berekend op basis van de voor de investering gewoonlijk verwachte rentabiliteit als bedoeld in artikel 61,derde lid, onder b, van VO(EU)1303/2013. 4. Het eerste lid is niet van toepassing indien de totale subsidiabele kosten minder dan € 1.000.000,– bedragen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel