Naar hoofdinhoud
1. Subsidie wordt in ieder geval niet verstrekt voor de volgende kosten: kosten die niet aantoonbaar rechtstreeks aan de activiteit waarop de subsidie betrekking heeft zijn toe te rekenen; kosten die reeds uit andere hoofde zijn gesubsidieerd tot het op grond van Europese verordeningen toegestane maximale subsidiepercentage of -bedrag; kosten van rente, debetrente, bankdiensten, financieringen, gerechtelijke procedures, kosten van juridische advisering of bijstand ten behoeve van gerechtelijke procedures, boetes en sancties; vervangingsinvesteringen; legeskosten, tenzij deze kosten expliciet subsidiabel gesteld worden; reguliere investeringen in de onderneming van de subsidieontvanger; kosten voor de vervaardiging van producten die melk en zuivelproducten imiteren of vervangen; verrekenbare of compensabele BTW; kosten die naar het oordeel van Gedeputeerde Staten niet voldoen aan de vereisten van goed financieel beheer als bedoeld in artikel 30 van VO 966/2012 (Financieel Reglement); winstopslagen binnen een samenwerkingsverband. 2. Indien de activiteit betrekking heeft op een investering in de landbouw wordt eveneens geen subsidie verstrekt voor de aankoop van: landbouwproductierechten; betalingsrechten; dieren; zaai- en pootgoed van eenjarige gewassen alsmede het planten daarvan.

Rechtspraak bij dit artikel