**1..** De burgemeester is bevoegd, in het belang van de openbare orde, aan degene, die een of meer van de wettelijke bepalingen overtreedt, die genoemd zijn in lid 7 van dit artikel, een verbod op te leggen om zich te bevinden in een door het college aangewezen gebied en de daarin gelegen voor het publiek toegankelijke gebouwen en inrichtingen.
**2..** Het verbod van het eerste lid geldt gedurende het in het besluit van de burgemeester genoemde termijn, nadat dit besluit aan de overtreder bekend is gemaakt. De duur van de gebiedsontzegging is afhankelijk van de zwaarte van de overtreding. De overtredingen zijn onderverdeeld in drie categorieën, zie lid 7.
**3..** De burgemeester is bevoegd, in het belang van de openbare orde, aan degene die hij eerder een verbod als bedoeld in het eerste lid heeft opgelegd en ten aanzien van wie binnen één jaar na het opleggen van dit verbod wordt geconstateerd dat hij opnieuw een of meer van de in het laatste lid genoemde artikelen overtreedt, een verbod op te leggen om zich te bevinden in een door het college aangewezen gebied en in de daarin gelegen voor het publiek toegankelijke gebouwen en inrichtingen voor een tijdvak van maximaal 12 weken. Dit geldt voor alle categorieën genoemd in lid 7.
**4..** De burgemeester houdt bij zijn beslissing rekening met eventuele zwaarwegende belangen, die betrokkene kan hebben bij aanwezigheid in het gebied, zoals het aldaar wonen, werken of het bezoeken van een hulpverleningsinstantie.
**5..** Het is verboden om zich in strijd met een op grond van dit artikel opgelegde gebiedsontzegging in een desbetreffend door het college aangewezen gebied of de daarin voor publiek toegankelijke gebouwen en inrichtingen te bevinden.
**6..** Voor bijzondere of meerdaagse evenementen kan het college ten behoeve van gebiedsontzeggingen op grond van dit artikel een op het betreffende evenement afgestemd gebied aanwijzen, dat afwijkt van het aangewezen reguliere gebied.
** 7. .** Categorie 1: feiten waarvoor een gebiedsverbod van 2 weken kan worden opgelegd:
Artikel
Feit
2:1 APV
Samenscholing en ongeregeldheden
2:26 APV
Ordeverstoring bij evenementen
2:33 APV
Ordeverstoring in een openbare inrichting
2:47 APV
Hinderlijk gedrag op openbare plaatsen
2:48 APV
Verboden gebruik van alcoholhoudende drank en softdrugs
2:48a APV
Verboden glas op straat
2:48b APV
Verboden gebruik lachgas
2:49 APV
Verboden gedrag bij of in gebouwen
2:50 APV
Hinderlijk gedrag in voor het publiek toegankelijke ruimten
2:73 APV
Gebruik van consumentenvuurwerk tijdens de jaarwisseling
424 Sr.
Straatschenderij
426 Sr.
Ordeverstoring bij dronkenschap
453 Sr.
Openbare dronkenschap
Categorie 2: feiten waarvoor een gebiedsverbod van 6 weken kan worden opgelegd:
Artikel
Feit
2:50a APV
Vechten in het openbaar
131 Sr.
Opruiing
138 en 139 Sr.
(i.r.t. art. 45 t/m 47 Sr.)
(Poging etc.) wederrechtelijk binnendringen: huis-/lokaalvredebreuk
157 Sr.
(i.r.t. art. 45 t/m 47 Sr.)
(Poging etc.) brandstichting
158 Sr.
Brand door schuld
170 Sr.
Vernieling van gebouwen
180 Sr.
Misdrijven tegen het openbaar gezag
184 Sr.
Negeren van bevoegd gegeven ambtelijk bevel
239 Sr.
Schennis eerbaarheid
267 Sr.
Belediging
285 Sr.
Bedreiging
310 Sr.
Diefstal
321 Sr.
Verduistering
350 Sr.
Vernieling of beschadiging van zaken
Categorie 3: feiten waarvoor een gebiedsverbod van 12 weken kan worden opgelegd:
Artikel
Feit
2:74 APV
Drugshandel op straat
2:77 APV
Overtreding gebiedsontzegging
13 WWM
Verbodsbepaling voor wapens categorie 1
26 WWM
Verbod voorhanden hebben en dragen van wapens en munitie van de categorieën 2 en 3.
27 WWM
Verbod voorhanden hebben en dragen van wapens en munitie van de categorieën 2, 3 en 4.
2 Opiumwet
Handel in harddrugs
3 Opiumwet
Handel in softdrugs
175 Gemw. jo. 184 Sr.
Negeren noodbevel burgemeester
141 Sr.
Gezamenlijke openlijke geweldpleging
Art. 287 Sr (i.r.t. art. 45 t/m 47 Sr.)
(Poging etc.) Doodslag
300 t/m 306 Sr.
(i.r.t. art. 45 t/m 47 Sr.)
Mishandeling
(Poging etc.)
HOOFDSTUK 2. › Afdeling 15.
Artikel 2:77
Gebiedsontzeggingen
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Weert