De leden van de raad spreken in eerste termijn vanaf de
spreekplaats en, indien de voorzitter dit toestaat, in
tweede en eventueel volgende termijnen vanaf hun plaats en
richten zich tot de voorzitter. De voorzitter, de griffier
en de wethouders spreken vanaf hun plaats. Bij de
begrotingsbesprekingen spreken de wethouders vanaf de
spreekplaats.
Bij bijzondere gelegenheden kan de voorzitter bepalen dat de
leden van de raad en de overige aanwezigen vanaf een andere
plaats spreken.
Hoofdstuk 3 › Paragraaf 2
Artikel 19
Spreekregels
Onderdeel van Reglement van Orde Raad van de gemeente Emmen