Naar hoofdinhoud

Artikel 3:

Andere waarden voor de afstand

Onderdeel van Verordening geurhinder en veehouderij gemeente Opmeer 2012

In afwijking van artikel 4, 1e lid van de Wet geurhinder en veehouderij gelden in de gemeente Opmeer de volgende minimale afstanden tussen het emissiepunt van de stal en de gevel van een geurgevoelig object (GGO) met het daarbij behorende maximaal aantal te houden dieren: Locatie geurgevoelige objecten (GGO) Minimale afstand gevel stal- gevel GGO Minimale afstand emissiepunt stal- gevel GGO Maximaal aantal dieren waarvoor een vaste afstand geldt Binnen de bebouwde kom: ·woongebieden met een stedelijk karakter 50 Van 100 meter verkleinen naar 50 *) 150 stuks melkrundvee, excl. vrouwelijk jongvee**) 255 stuks melkrundvee, inclusief vrouwelijk jongvee**) 38 paarden**) 38 landbouwhuisdieren anders dan hierboven vermeld**) ·woongebieden met een landelijk karakter 50 Van 100 meter verkleinen naar 50 *) 200 stuks melkrundvee, excl. vrouwelijk jongvee**) 340 stuks melkrundvee, inclusief vrouwelijk jongvee**) 50 paarden**) 50 landbouwhuisdieren anders dan hierboven vermeld**) Buiten de bebouwde kom 25 Van 50 meter verkleinen naar 25 *) 200 stuks melkrundvee, excl. vrouwelijk jongvee***) 340 stuks melkrundvee, inclusief vrouwelijk jongvee***) 50 paarden***) 50 landbouwhuisdieren anders dan hierboven vermeld***) *) Hierbij wordt uitgegaan van het standstil beginsel. De afstand van het emissiepunt van de bestaande stallen tot de geurgevoelige objecten mag bij uitbreidingen/wijzigingen van de stallen niet verder worden verkleind. Bij de realisatie van nieuwe geurgevoelige objecten mag de afstand tot de dichtstbijzijnde stal niet kleiner zijn dan de afstand tussen de bestaande geurgevoelige objecten en deze stal. **) Als de minimale afstand gevel stal –gevel GGO tussen de 50 en 100 meter is gelegen mag het aantal dieren groter zijn dan aangeven in de tabel naarmate deze afstand groter is. Dit aantal dieren wordt als volgt berekend bij GGO binnen de bebouwde kom: (minimale afstand gevel stal –gevel GGO)/100 *2*(max. aantal dieren in tabel). ***) Als de minimale afstand gevel stal –gevel GGO tussen de 25 en 50 meter is gelegen mag het aantal dieren groter zijn dan aangeven in de tabel naarmate deze afstand groter is. Dit aantal dieren wordt als volgt berekend bij GGO buiten de bebouwde kom: (minimale afstand gevel stal –gevel GGO)/50 *2*(max. aantal dieren in tabel). Voorbeeld: minimale afstand gevel dichtstbijzijnde stal – gevel GGO is 60 meter in de bebouwde kom (woongebied met landelijk karakter): er kunnen dan 60/100*2*200 =240 stuks melkrundvee worden gehouden. Voor nieuw te bouwen stallen gelden de in de bovengenoemde tabel genoemde maximale aantallen dieren niet onder de volgende voorwaarden: De gevel van de nieuw te bouwen stal moet zijn gelegen op ten minste 50 meter afstand van geurgevoelige objecten buiten de bebouwde kom en ten minste 100 meter van geurgevoelige objecten binnen de bebouwde kom. De gevels van de bestaande en vergunde stalruimten moeten op ten minste 25 meter afstand zijn gelegen van geurgevoelige objecten buiten de bebouwde kom en ten minste 50 meter van geurgevoelige objecten binnen de bebouwde kom. In bestaande en vergunde stalruimten die gelegen zijn op minder dan 50 meter afstand van geurgevoelige objecten buiten de bebouwde kom en/of minder dan 100 meter van geurgevoelige objecten binnen de bebouwde kom mag het aantal dieren niet verder toenemen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel