Het gaat hier over de inschatting van het risico dat drugshandel opnieuw in dezelfde woning plaatsvindt.
De burgemeester is van mening dat de kans dat er in de woning een handelshoeveelheid drugs dan wel een hennepkwekerij wordt aangetroffen groter is als in de betreffende woning al eerder een handelshoeveelheid dan wel kwekerij is aangetroffen dan wanneer dit niet het geval is.
Daarnaast is de burgemeester van mening dat het risico groter is als de drugshandel door de eigenaar geschiedt.
Is sprake van verhuur en is de huurder zelf verantwoordelijk voor de drugshandel en zijn er geen aanwijzingen dat de eigenaar/verhuurder het redelijkerwijs had kunnen vermoeden, dan is het risico op herhaling kleiner. Als de eigenaar/verhuurder wist of kon weten dat de huurder al eerder de Opiumwet heeft overtreden, wordt bijvoorbeeld verondersteld dat de eigenaar/verhuurder het redelijkerwijs had kunnen vermoeden.
Het risico van herhaling wordt ook kleiner als de eigenaar/verhuurder de huurovereenkomst beëindigt. Gebeurt dit niet, dan kan de huurder nog gebruik maken van de woning waardoor de kans op herhaling aanwezig blijft dan wel groter wordt.
Ook is de kans op herhaling groter als al eerder met betrekking tot de woning is opgetreden op grond van artikel 13b van de Opiumwet. Onder eerdere toepassing van artikel 13b van de Opiumwet wordt verstaan zowel een waarschuwing als een bestuursrechtelijke maatregel.
Aanwezigheid van een handelshoeveelheid drugs
1
en
Drugshandel door eigenaar
2
of
Drugshandel door huurder en aanwijzing dat eigenaar/ verhuurder het redelijkerwijs had kunnen vermoeden
1
en
Drugshandel door huurder en eigenaar heeft huurovereenkomst niet beëindigd
1
en
2e toepassing art. 13b Opiumwet
3
of
3e toepassing art. 13b Opiumwet
6
of
4e toepassing art. 13b Opiumwet
10