Naar hoofdinhoud
1.. Het is verboden op de begraafplaats: zich op hinderlijke wijze te gedragen; te colporteren of goederen voor verkoop aan te bieden; op enige wijze reclame te maken voor handel of bedrijf; op de graven te lopen of de begraafplaats te verontreinigen; gedenktekens te bekladden, te beschadigen of op enigerlei andere wijze te verontreinigen; honden mee te voeren, met uitzondering van blindengeleidehonden; te gaan zitten anders dan op de daartoe aangebrachte zitplaatsen; iets te doen of na te laten dat in strijd is met de eerbied van de nagedachtenis van de overledene; werkzaamheden aan grafbedekkingen door derden te laten verrichten, behoudens artikel 20. 2.. Het is op de begraafplaats verboden: te rijden met gemotoriseerde verkeer en paarden anders dan ten behoeve van: het vervoer van invaliden die de begraafplaats bezoeken; een begrafenis; het onderhoud en beheer van de begraafplaats door of op last van de beheerder; te rijden met fietsen anders dan op de bitumen rijweg en anders dan ten behoeve van: het daadwerkelijk bezoeken van graven; het meevoeren van noodzakelijke en omvangrijke materialen voor het plegen van onderhoud aan individuele graven anders dan door of op last van de beheerder; met motorrijtuigen sneller dan 10 km per uur te rijden. Het bestuursorgaan kan ontheffing verlenen van het verbod, bedoeld in lid 2 onder a.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel