Deze beleidsregels treden in werking op de eerste dag na die van de bekendmaking.
Deze beleidsregels kunnen worden aangehaald als “Beleidsregels inkeerregeling ingevolge artikel 18 lid 11 Participatiewet”.
Toelichting Beleidsregels inkeerregeling ingevolge artikel 18 lid 11 Participatiewet
Algemeen
De inkeerregeling is alleen van toepassing bij niet nakomen van de geüniformeerde arbeidsverplichtingen.
De voorgeschreven verlaging van 100% gedurende de periode zoals vastgelegd in de
gemeentelijke Afstemmingsverordening, heeft een reparatoir karakter. Dit betekent dat met de betreffende verlaging wordt beoogd te bereiken dat de belanghebbende de geüniformeerde arbeidsverplichtingen (weer) nakomt. Met het oog hierop, heeft de regering aanleiding gezien om in de wet een “inkeerregeling” op te nemen. Deze houdt in dat het college op verzoek van de belanghebbende de opgelegde verlaging kan herzien zodra uit de houding en gedragingen van de belanghebbende ondubbelzinnig is gebleken dat hij de geüniformeerde arbeidsverplichtingen (weer) nakomt. Op deze wijze wordt de belanghebbende de kans geboden tot herstel van de onrechtmatige situatie.
In de wettelijke bepaling over de “inkeerregeling” (artikel 18 lid 11 van de Participatiewet) is niet een bepaalde periode opgenomen die moet zijn verstreken alvorens herziening van de verlaging mogelijk is. Dit betekent dat - als tot herziening wordt overgegaan - de toegepaste verlaging vroegtijdig eindigt en wel vanaf de indiening van het verzoek, en de belanghebbende weer de volledige bijstandsuitkering gaat ontvangen. Aanpassing van het verlagingspercentage van 100 naar bijvoorbeeld 50 is dus niet aan de orde.
Voor de toepassing van ”de inkeerregeling” is niet van belang of het gaat om een verlaging vanwege een eerste of volgende schending van een geüniformeerde arbeidsverplichting (recidive).
Als een verlaging op basis van de inkeerregeling wordt herzien, telt de toegepaste verlaging overigens wel mee voor recidive.
Voor toepassing van de inkeerregeling is niet vereist dat de belanghebbende alle geüniformeerde arbeidsverplichtingen (weer) nakomt. Bij de “inkeerregeling” gaat het alleen om de geüniformeerde verplichting ten aanzien waarvan een overtreding is geconstateerd.
Het is vereist dat de belanghebbende een verzoek indient tijdens de periode waarop de verlaging ziet. Dit verzoek moet worden aangemerkt als een verzoek ingevolge de Algemene wet bestuursrecht. De belanghebbende zal daarbij concrete feiten moeten aandragen waaruit blijkt dat hij “tot inkeer is gekomen”.
Onderkend moet worden dat het herstellen van de onrechtmatige situatie niet altijd gemakkelijk is. Het niet ingeschreven staan bij een uitzendbureau is op te lossen door dit alsnog te doen. Maar het niet aanvaarden van een passende baan vanwege de reisafstand is niet ongedaan te maken. Het is dan ook niet reëel om de verlaging te herzien als de belanghebbende alleen meldt dat hij de volgende keer wel een baan zal accepteren als daaraan een lange reistijd is verbonden.
In de betreffende verlagingsbeschikking wordt de belanghebbende expliciet gewezen op de mogelijkheid om een verzoek tot toepassing van de inkeerregeling in te dienen.
Verschil metdeheroverwegingsverplichtingartikel18 lid 3Participatiewet
Opgemerkt wordt dat in artikel 18 lid 3 van de Participatiewet is bepaald dat, als een verlaging op de uitkering is toegepast vanwege niet naleven van de nietgeüniformeerde
arbeidsverplichtingenen deze verlaging meer dan drie maanden omvat, ambtshalve een heroverweging van het verlagingsbesluit dient te worden uitgevoerd.
Het verschil met de herziening op grond van “de inkeerregeling” van artikel 18, lid 11 Participatiewet is, dat deze herziening pas aan de orde is als de belanghebbende hiertoe een verzoek heeft ingediend.
Zoals hierboven reeds is aangegeven, is artikel 18, lid 3 Participatiewet nietvan toepassing bij een verlaging vanwege niet naleven van de geüniformeerde arbeidsverplichtingen.
Volledigheidshalve wordt opgemerkt dat in de IOAW en IOAZ geen geüniformeerde arbeidsverplichtingen zijn opgenomen zoals in de Participatiewet. In deze wetten is ook niet in een inkeerregeling voorzien.
Artikelsgewijze toelichting
Artikel 4.
Inwerkingtreding en citeertitel
Onderdeel van Beleidsregels inkeerregeling ingevolge artikel 18 lid 11 Participatiewet