Naar hoofdinhoud
1.. De belasting wordt niet geheven: voor voorwerpen ten dienste van de gemeente of uitsluitend gebezigd in het algemeen belang of voor een weldadig doel; voor voorwerpen indien de gemeente ter zake van het gebruik van de voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond, waarop het voorwerp of de voorwerpen zich bevinden, een recht heft op grond van artikel 229, eerste lid onderdeel a van de Gemeentewet, dan wel een privaatrechtelijke vergoeding is overeengekomen; voor het hebben van naamborden, waarvan de grootste afmeting niet meer bedraagt dan 60 cm en welke uitsluitend vermelden: de naam van de persoon of de onderneming en van het beroep of bedrijf dat in het perceel wordt uitgeoefend; voor het hebben van wegwijzers en verkeersaanwijzingen van de A.N.W.B. en van andere overeenkomstige instellingen; voor het hebben van brievenbussen, postzegelautomaten en niet tot reclame dienende aanwijzingen voor het publiek; voor het hebben van voorwerpen waarvan de verwijdering, verplaatsing of verandering wegens plaatsing op de Monumentenlijst verboden is; voor borden, aangebracht in verband met de verkiezingen van publiekrechtelijke lichamen; voor het hebben van afvoerbuizen van hemelwater of van fecale stoffen, welke aan een gebouw zijn aangebracht en niet meer dan zestig centimeter buiten de gevel uitsteken; op aanvraag -uiterlijk drie maandenna aanvangsdatum evenement- voor het hebben van voorwerpen op, aan of boven de weg ten behoeve van evenementen van sociale, pedagogische, sportieve, charitatieve, educatieve en/of culturele aard georganiseerd door stichtingen en verenigingen (tevens Buurtkaders) waarvan de opbrengsten aangewend worden om de continuïteit van de eigen activiteiten te waarborgen. Enkel verenigingen en stichtingen waarvan uit de statuten de sociale, pedagogische, sportieve, charitatieve, educatieve en/of culturele doelstelling blijkt, komen in aanmerking voor deze vrijstelling. Verenigingen en stichtingen (Buurtkaders) met een commercieel doel in de statuten worden uitgesloten van de vrijstelling. De aanvrager van het evenement dient op het aanvraagformulier aan te geven dat de organisatie en het evenement voldoen aan bovengestelde voorwaarden; op aanvraag -uiterlijk drie maanden na aanvangsdatum evenement- over het aantal ingenomen m2 gemeentegrond door voorwerpen op, aan of boven de weg ten behoeve van evenementen van een andere aard dan benoemd onder artikel 4.1.i, georganiseerd door stichtingen en verenigingen (tevens Buurtkaders) voor activiteiten waarvan de gehele opbrengst aangewend wordt om de continuïteit van de eigen activiteiten te waarborgen. Enkel verenigingen en stichtingen waarvan uit de statuten de sociale, pedagogische, sportieve, charitatieve, educatieve en/of culturele doelstelling blijkt, komen in aanmerking voor deze vrijstelling. Verenigingen en stichtingen (Buurtkaders) met een commercieel doel in de statuten worden uitgesloten van de vrijstelling. De aanvrager van de het evenement dient op het aanvraagformulier het aantal m2 aan opstallen aan te geven dat ingezet wordt voor activiteiten waarvan de opbrengsten in het geheel ten goede komen aan de vereniging. 2.. Op aanvraag -uiterlijk drie maanden na aanvangsdatum evenement- voor het hebben van voorwerpen op, aan en boven de weg ten behoeve van evenementen georganiseerd door verenigingen en stichtingen (tevens buurtkaders) wordt geen belasting geheven naar rato van dat deel van de opbrengst van het evenement dat naar een goed doel gaat. Hiertoe dient een beschrijving van én een verklaring door de organisatie van het evenement overlegd te worden waaruit blijkt dat de gehele of gedeeltelijke opbrengst naar de goede doelen zullen worden overgemaakt. Enkel verenigingen en stichtingen waarvan uit de statuten de sociale, pedagogische, sportieve, charitatieve, educatieve en/of culturele doelstelling blijkt, komen in aanmerking voor deze vrijstelling. Verenigingen en stichtingen (Buurtkaders) met een commercieel doel in de statuten worden uitgesloten van de vrijstelling

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel