Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2. › Paragraaf 2.1.

Artikel 5.

Indiening aanvraag

Onderdeel van Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs gemeente Bergen op Zoom 2015

Een aanvraag voor plaatsing van een voorziening op het programma wordt voor 1 februari van het jaar van vaststelling van het betreffende programma door het bevoegd gezag ingediend bij het college. Hierbij wordt gebruik gemaakt van een door het college vastgesteld aanvraagformulier. Aanvragen ingediend naar 1 februari neemt het college niet in behandeling. Artikel 6. Inhoud aanvraag; gelegenheid tot aanvullen aanvraag; niet behandelen onvolledige aanvraag De aanvraag vermeldt in ieder geval: de naam en het adres van de aanvrager; de dagtekening; welke voorziening wordt aangevraagd de naam van de school en, voor zover van toepassing, het gebouw ten behoeve waarvan de voorziening is bestemd; de onderbouwing van de noodzaak en de omvang van de gewenste voorziening; de geplande aanvangsdatum van uitvoering van de voorziening. In aanvulling op de in het eerste lid vermelde gegevens gaat de aanvraag vergezeld van: een opgave van het aantal te verwachten leerlingen van de school voor de aanvragen voor (vervangende) nieuwbouw, uitbreiding, ook in de vorm van huur van een bestaand gebouw, ingebruikneming of aanpassing; de aanduiding van de gewenste plaats waar de voorziening moet worden gerealiseerd, indien het een voorziening betreft als bedoeld in artikel 2, onder A1 tot en met A5, A7 en A8; een bouwkundige rapportage die voldoet aan de eisen NEN 2767 (conditiemeting) waaruit de bouwkundige noodzaak blijkt indien het een voorziening betreft bestaande uit nieuwbouw ter gehele of gedeeltelijke vervanging van een gebouw of uit herstel van een constructiefout, alsmede een rapportage van het uitgevoerde onderhoud (vanaf 1 januari 2015); een begroting van de kosten gemoeid met de uitvoering van de voorziening, indien de aanvraag betrekking heeft op een voorziening waarop het gestelde in artikel 3, vierde lid van toepassing is. Bij het ontbreken van een of meer gegevens als bedoeld in het eerste of tweede lid deelt het college dit voor 15 februari schriftelijk mee aan de aanvrager. Daarbij wordt de aanvrager in de gelegenheid gesteld voor 15 maart de ontbrekende gegevens aan te vullen. Als dit niet gebeurt, neemt het college de aanvraag niet in behandeling. Indien een door het college in behandeling genomen aanvraag betrekking heeft op een voorziening voor een school waarvan de beoordeling van de noodzaak mede is gebaseerd op het aantal leerlingen van de betrokken school op de wettelijke teldatum van 1 oktober van het jaar waarin de datum als genoemd in artikel 5 valt, dan zendt de aanvrager aanhet collegeeen afschrift van de jaarlijkse opgave aan de minister van het aantal leerlingen dat op de wettelijke teldatum staat ingeschreven op de betreffende school. Indien het afschrift niet binnen een week na het tijdstip van de wettelijke teldatum is ontvangen, deelt het collegedit mee aan de aanvrager en stelt de aanvrager in de gelegenheid dit alsnog te doen binnen 1 week na ontvangst van deze mededeling. Als de opgave niet alsnog is verstrekt, besluit het college de aanvraag niet meer te behandelen. Indien voor een aangevraagde voorziening bekostiging plaatsvindt op basis van werkelijke kosten conform bijlage IV, deel B, overlegt de aanvrager in aanvulling op de in het eerste en tweede lid vermelde gegevens uiterlijk op 1 juni volgend op de datum als vermeld in artikel 5 het volgend aantal offertes gemoeid met de uitvoering van de gewenste voorziening: 1 offerte bij geraamde kosten tot € 2.000; 2 offertes bij geraamde kosten van € 2.000 tot € 50.000; 3 offertes bij geraamde kosten meer dan € 50.000 dan wel de aanbestedingsresultaten. Indien de offertes niet op voormelde datum 1 juni zijn ontvangen, deelt het college dit mee aan de aanvrager. Daarbij wordt de aanvrager in de gelegenheid gesteld de offertes binnen veertien dagen toe te zenden. De overgelegde offertes dienen te voldoen aan de gestelde vereisten vermeld in bijlage IV, deel B. Bij overschrijding van voormelde datum 1 juni of de daaropvolgende termijn van veertien dagen, of indien geen offertes worden ingediend, wordt de betreffende aanvraag op het overzicht geplaatst.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel