Naar hoofdinhoud
1.. De nummerborden worden zodanig aangebracht dat het nummer van de straat af duidelijk zichtbaar is. 2.. Indien de hoofdingang van een gebouw of van een zelfstandig deel daarvan onmiddellijk aan de straat is gelegen: in het vlak van de voorgevel naast die ingang. 3.. Indien de hoofdingang in een zijgevel is gelegen: op de voorgevel (niet aan de kant van die hoofdingang). 4.. Indien de hoofdingang van een gebouw of een zelfstandig deel daarvan aan een binnenterrein is gelegen of zich althans niet onmiddellijk aan de straat bevindt: naast die ingang en bovendien zodanig naast de aan de straat gelegen toegang, dat het nummer van de straat af duidelijk zichtbaar is; betreft het een toegang naar meer gebouwen of zelfstandige delen van één of meer gebouwen, dan wordt overeenkomstig namens burgemeester en wethouders te geven aanwijzingen naast of in de onmiddellijke nabijheid van die toegang in beknopte vorm een aanduiding/verzamelbord geplaatst van de nummers, die bij de ingangen van die gebouwen of zelfstandige delen zijn aangebracht. 5.. De plaatsing als bedoeld in de voorafgaande leden is zodanig dat: de onderzijde van het nummerbord zich ten minste op 1.75 meter c.q. de bovenzijde zich hoogstens op 2.25 meter boven de begane grond bevindt.

Rechtspraak bij dit artikel