Naar hoofdinhoud
1. Het subsidieplafond is gelijk aan het gereserveerd budget op de begroting, minus eventuele uitgaven voor archeologische toevalsvondsten als bedoeld in art.1, lid 5. Hierdoor kan het subsidieplafond verlaagd worden. 2. Het college is bevoegd tot het vaststellen van de wijze waarop de beschikbare bedragen worden verdeeld. 3. Voor zover de te subsidiëren activiteiten op de begroting van de gemeente zijn vermeld, worden de subsidieplafonds vastgesteld op maximaal de bedragen die voor de betreffende activiteiten op de begroting zijn gereserveerd. 4. Het college neemt besluiten op toekenning van middelen in volgorde van ontvangst van de aanvragen, hieronder de afhandeling van toevalsvondsten begrepen. 5. Het vastgestelde subsidieplafond mag niet worden overschreden.

Rechtspraak bij dit artikel