Het college bepaalt welke salarisschaal en welke periodiek voor
de ambtenaar geldt, zulks met inachtneming van de bepalingen in
deze verordening.
Het salaris van de ambtenaar wordt vastgesteld op een bedrag
dat is vermeld in de salarisschalen opgenomen in bijlage IIa van
de RAGR, tenzij toepassing is gegeven aan artikel 4a:3 van deel
I, in welk geval het salaris gelijk is aan het verlaagde
bedrag.
Het salaris van de ambtenaar die is aangesteld voor een
onvolledige werktijd, wordt vastgesteld op een evenredig deel
van het salaris dat hij bij een volledige werktijd zou
genieten.
De bedragen van de bijlage IIa van de RAGR worden gewijzigd door
het college in overeenstemming met de LOGA afspraken.
Anders dan bij het aanvaarden van passende of gangbare arbeid,
dan wel bij wijze van disciplinaire straf als bedoeld in
hoofdstuk 16 van deel I kan zonder voorafgaand ontslag voor een
ambtenaar geen salarisschaal gaan gelden met een lager
maximumsalaris dan dat van de reeds voor hem geldende
salarisschaal.
Het vorige lid is niet van toepassing indien bij de bepaling van
de daar bedoelde geldende salarisschaal aan de ambtenaar
schriftelijk is medegedeeld dat, omdat zijn functie een
tijdelijk karakter heeft, die salarisschaal slechts tijdelijk
zal gelden.
Indien een ambtenaar op grond van het bepaalde in lid 5 salaris
blijft ontvangen conform de op dat moment voor hem geldende
salarisschaal, behoudt hij aanspraak op de nog niet in die
salarisschaal genoten periodieke verhogingen. In bijzondere
gevallen kan het college bepalen dat daarnaast eveneens
aanspraak bestaat op toelagen in de uitloopklasse.