Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:
a vakantieonderkomens: woningen en andere verblijven,
niet-zijnde mobiele kampeeronderkomens of stacaravans, in hoofdzaak bestemd voor dan wel
gebezigd als verblijf voor vakantie- en andere recreatieve doeleinden;
b mobiele kampeeronderkomens: tenten, vouwwagens,
kampeerauto's, toercaravans, vaartuigen en soortgelijke onderkomens dan wel soortgelijke
voertuigen welke bestemd zijn dan wel gebezigd worden als verblijf voor vakantie en
andere recreatieve doeleinden;
c niet-beroepsmatig verhuurde ruimten: woningen en andere
verblijven, of gedeelten daarvan, niet-zijnde mobiele kampeeronderkomens of stacaravans,
welke niet in hoofdzaak bestemd zijn als verblijf voor vakantie en andere recreatieve
doeleinden, doch wel in bepaalde perioden van het jaar voor die doeleinden worden
verhuurd dan wel te huur aangeboden;
d vaste standplaats: een gehuurd terrein of
terreingedeelte, gelegen op een kampeerterrein, dat bestemd is voor het gedurende een
seizoen of een jaar hebben van een zelfde mobiel kampeeronderkomen of stacaravan of
vakantieonderkomen.
e kampeerterrein: een terrein dat bestemd is om te worden
gebruikt voor verblijfsrecreatie.
Artikel 1
Begripsomschrijvingen
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van Toeristenbelasting 2016