**1..** Het aantal personen dat heeft overnacht, wordt met betrekking tot:
a. vakantieonderkomens en niet-beroepsmatig verhuurde ruimten bepaald op het aantal
slaapplaatsen;
b. mobiele kampeeronderkomens en stacaravans op vaste standplaatsen bepaald
op:
2 personen indien het aantal slaapplaatsen drie of minder bedraagt;
3 personen indien het aantal slaapplaatsen meer dan drie bedraagt;
c. mobiele kampeeronderkomens op niet-vaste standplaatsen bepaald op de som van het
aantal kampeeronderkomens bestemd voor verblijf van maximaal drie personen,
vermenigvuldigd met twee en het aantal kampeeronderkomens bestemd voor verblijf van
meer dan drie personen, vermenigvuldigd met drie
**2..** Het aantal malen dat door de in het eerste lid bedoelde personen is overnacht
wordt:
a. ingeval verblijf wordt gehouden in vakantieonderkomens, in niet-beroepsmatig
verhuurde ruimten, dan wel op vaste standplaatsen, wordt bepaald op 55;
b. ingeval verblijf wordt gehouden in mobiele kampeeronderkomens op niet vaste
standplaatsen bepaald op 365.
**3..** Het aantal mobiele kampeeronderkomens als bedoeld in het eerste lid, letter c, wordt
vastgesteld op het gemiddelde van een zestal tellingen gedurende het belastingjaar,
waarbij iedere telling valt binnen een afzonderlijke periode van twee maanden.
Artikel 6
Forfaitaire berekeningswijze van de maatstaf van heffing
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van Toeristenbelasting 2016