Voor de toepassing van deze verordening worden buiten beschouwing gelaten:
werken die zijn bestemd voor de zuivering van riool- en ander afvalwater en dieworden beheerd door organen, instellingen of diensten van publiekrechtelijke rechtspersonen;
straatmeubilair, waaronder begrepen alle zodanig gebouwde eigendommen – nietzijnde gebouwen – welke zijn geplaatst ten gerieve of in het belang van het publiekten dienste van het verkeer of ter verfraaiing van de gemeente, zoals lichtmasten,
verkeersinstallaties, standbeelden, monumenten, fonteinen, banken, abri’s, hekkenen palen;
onroerende zaken die bestemd zijn te worden gebruikt voor het in stand houden van het elektriciteitsnet (Trafo);
Erven, tuinen en groenstroken bij woningen.
Hoofdstuk II
Artikel 7
Vrijstellingen
Onderdeel van Verordening Bedrijven investeringszone de KempenaeR 2016