De leden van de raad handelen overeenkomstig de bepalingen in de Gemeentewet, in het bijzonder voor wat betreft:
het melden van nevenfuncties (artikel 12 van de Gemeentewet);
het niet vervullen van onverenigbare functies (artikel 13 van de Gemeentewet);
het niet verrichten van verboden handelingen (artikel 15 van de Gemeentewet);
het geheim houden van datgene waarover geheimhouding is opgelegd (artikel 25 van de Gemeentewet), en
het deelnemen aan stemmingen (artikel 32 van de Gemeentewet), tenzij niet mag worden deelgenomen aan de stemming (artikel 28 van de Gemeentewet).