Openbare inrichting:
i. een hotel, restaurant, pension, café, cafetaria, snackbar, discotheek, buurthuis of clubhuis;
ii. elke andere voor het publiek toegankelijke, besloten ruimte waarin bedrijfsmatig of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was logies wordt verstrekt of dranken worden geschonken of rookwaren of spijzen voor directe consumptie worden verstrekt of bereid.
Terras: een buiten de besloten ruimte van de openbare inrichting liggend deel daarvan waar sta- of zitgelegenheid kan worden geboden en waar tegen vergoeding dranken kunnen worden geschonken of spijzen voor directe consumptie kunnen worden bereid of verstrekt.
Permanent terras: een (overkapt) blijvend terras met terrasschermen dan wel bloembakken als afbakening die niet verankerd zijn, direct gesitueerd aan de voorgevel waarbij alleen de zijkanten gesloten mogen zijn, maximaal ter breedte van de voorgevel van een openbare inrichting en al dan niet op openbaar grondgebied.
Tijdelijk terras: een terras al dan niet met terrasschermen, dat niet direct aan de gevel gesitueerd is, voor maximaal de periode van 1 maart tot 1 november;
Terrasscherm: (transparante) wand ter afbakening van een terras;
Zonwering: een aan de gevel aangebracht scherm dat ophaalbaar is;
Terrasheaters: elektrisch of gasgestookt verwarmingsapparaat voor het verwarmen van het terras, die voldoen aan de brandveiligheidsvoorschriften.
A.
Artikel 1
Begripsomschrijvingen
Onderdeel van NADERE REGELS VOORWERPEN OP OF AAN DE WEG/OPENBARE PLAATS 2016