**1..** Het college verleent, op aanvraag, een bedrijvenvergunning,
indien:
het bedrijf, waarvoor de parkeervergunning wordt aangevraagd
staat ingeschreven in het register van de Kamer van
Koophandel;
aanvrager, aantoonbaar als bestuurder (of gemachtigd door
het bestuur) van dat bedrijf, mag optreden;
het bedrijf, ten name waarvan de aanvraag wordt gedaan,
feitelijk gevestigd is in het gebied waarvoor de
parkeervergunning wordt aangevraagd;
i.uitgezonderd de gebieden A en C, waarvoor het bedrijf
gevestigd moet zijn in gebied F, I of J;
het motorvoertuig, waarvoor de parkeervergunning wordt
aangevraagd, aantoonbaar noodzakelijk is voor het uitoefenen
van de bedrijfsvoering, en niet voor woon – werk -
verkeer;
het opgegeven kenteken niet behoort tot een voertuig uit de
categorieën recreatieve voertuigen en grote voertuigen,
zoals bedoeld in artikel 5.6, artikel 5.8 en artikel 5.9 van
de Algemene Plaatselijke Verordening (APV);
aan het bedrijf nog niet het maximaal aantal uit te geven
parkeervergunningen voor het gebied is uitgegeven, waarvoor
de parkeervergunning wordt aangevraagd;
voor het gebied nog niet het maximum aantal uit te geven
bedrijvenvergunningen is uitgegeven;
voor het gebied nog niet het maximum aantal uit te geven
parkeervergunningen is uitgegeven.
**2..** Indien aan het bedrijf dat de bedrijvenvergunning aanvraagt reeds
één of meerdere bedrijvenvergunningen zijn verleend, wordt de
aangevraagde bedrijvenvergunning gezien als laatste in de rangorde
van aantal uitgegeven bedrijvenvergunningen aan dat bedrijf.
**3..** Parkeerplaatsen buiten de voor het openbaar verkeer openstaande weg
én te herleiden naar één en dezelfde feitelijke vestiging van het
bedrijf, worden ten behoeve van de vergunningverlening (lid 1 en lid
2) gezien als reeds verleende bedrijvenvergunning(en) aan dat
bedrijf.
Afdeling II:
Artikel 8:
Bedrijvenvergunning (categorie II)
Onderdeel van Nadere regels parkeervergunningen Gorinchem