Naar hoofdinhoud
De tegemoetkoming wordt verleend vanaf dag één van de maand waarin de ouder de tegemoetkoming aanvraagt en de maand ervoor. Als op deze datum nog geen kinderopvang plaatsvindt, wordt de tegemoetkoming vastgesteld met ingang van de dag waarop de kinderopvang een aanvang neemt. De tegemoetkoming wordt vastgesteld voor de periode van maximaal één kalenderjaar. Een aanvraag voor verlenging van de tegemoetkoming dient voor 1 maart van het volgend kalenderjaar te zijn ingediend om recht te kunnen hebben op de tegemoetkoming met terugwerkende kracht tot 1 januari van dat kalenderjaar.

Rechtspraak bij dit artikel