**1..** De belasting als bedoeld in artikel 2 is verschuldigd aan het einde van
het belastingtijdvak.
**2..** Indien het belastingtijdvak minder dan twaalf maanden bedraagt, is de
belasting verschuldigd over zoveel twaalfde gedeelten als er in dat
tijdvak, na het tijdstip van de aanvang van de belastingplicht, nog
volle kalendermaanden overblijven.
**3..** Indien de belasting als bedoeld in artikel 2 bij wege van aanslag wordt
geheven, is de belasting verschuldigd bij het begin van het
belastingjaar, of zo dit later is, bij de aanvang van de
belastingplicht.
**4..** Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt en
de belasting wordt bij wege van aanslag geheven, is de belasting
verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar
verschuldigde belasting als er in dat jaar, na de aanvang van de
belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven.
**5..** Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt en de
belasting wordt bij wege van aanslag geheven, bestaat aanspraak op
ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar
verschuldigde belasting als er in dat jaar, na het einde van de
belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven.
**6..** Het vierde en vijfde lid zijn niet van toepassing indien de
belastingplichtige binnen de gemeente verhuist en aldaar een ander
perceel in feitelijk gebruik neemt.
Artikel 9
Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van rioolheffing 2016