Directe bemiddeling en huisvesting met voorrang wordt verleend aan een woningzoekende die buiten zijn schuld in een dusdanige situatie verkeert, dat hij op korte termijn woonruimte behoeft. Voorwaarde hierbij is dat de woningzoekende:
behoort tot de groep vergunninghouders overeenkomstig de voor de gemeente geldende taakstelling, behoudens in die gevallen dat Burgemeester en wethouders op andere wijze in de huisvesting hebben voorzien, ofwel
behoort tot de groep personen die verblijven in een blijf-van-mijn-lijfhuis.
HOOFDSTUK 2
Artikel 2.5.