Het college is bevoegd om in individuele situaties af te zien
van (verdere) invordering als het totaal van de
(restant)vordering(en) minder bedraagt dan € 150,00 én het
treffen van (verdere) invorderingsmaatregelen, naar het oordeel
van het college, niet (langer) doelmatig is.
Bij een totaal van de (restant)vordering(en) van € 150,00 en
meer kan het college ookomwille van doelmatigheidsredenen
besluiten van (verdere) invordering af te zien indien incasso
van de vordering gedurende vijf jaren onmogelijk is gebleken en
ook niet aannemelijk is dat belanghebbende op enig moment
betalingen zal gaan verrichten.
Indien het totaal van de (restant)vordering(en) het gevolg is
van niet, niet tijdig of niet volledig voldoen aan de
inlichtingenplicht en is ontstaan na 1 januari 2013 kan niet
afgezien worden van invordering.
Indien het totaal van de (restant)vordering(en) het gevolg is
van niet, niet tijdig of niet volledig voldoen aan de
inlichtingenplicht, ontstaan is vóór 1 januari 2013 , kan het
totaal van de (restant)vordering(en) slechts dan worden
afgeboekt indien incasso van de
vordering gedurende 5 jaar onmogelijk is gebleken en het niet
aannemelijk is dat belanghebbende op enig moment betalingen zal
gaan verrichten.
Er wordt, in afwijking van lid 1, niet van terugvordering
afgezien
indien de vordering is ontstaan als gevolg van het tonen
van onvoldoende besef van
verantwoordelijkheid als bedoeld in artikel 18 lid 2
van de Wet en artikel 20 Ioaw/Ioaz;
de bijstand of inkomensvoorziening ingevolge artikel 52
van de Wet bij wijze van voorschot is verleend.
Artikel 19
Afzien van (verdere) invordering
Onderdeel van Besluit Terugvordering , boete en verhaal Participatiewet, Ioaw, Ioaz en Bbz gemeente Smallingerland 2015