Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4

Artikel 4.2

Regels voor pgb

Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Tilburg 2016

1.. Het college verstrekt een pgb in overeenstemming met artikel 2.3.6 van de wet. 2.. Onverminderd artikel 2.3.6, tweede en vijfde lid, van de wet verstrekt het college geen pgb voor zover de aanvraag betrekking heeft op kosten die de belanghebbende voorafgaand aan de indiening van de aanvraag heeft gemaakt en niet meer is na te gaan of de ingekochte voorziening noodzakelijk was. 3.. Het tarief voor een pgb: is gebaseerd op de soort voorziening en omvang van de voorziening; is toereikend om effectieve en kwalitatief goede zorg in te kopen; is gebaseerd op een door de cliënt opgesteld plan over hoe hij het pgb gaat besteden, en bedraagt ten hoogste de kostprijs van de in de betreffende situatie goedkoopst adequate maatwerkvoorziening in natura. 4.. De hoogte van een pgb voor dienstverlening is opgebouwd uit verschillende kostencomponenten. Het college stelt nadere regels met betrekking tot de hoogte van het tarief en kan hierbij rekening houden met de rechtsvorm van de dienstverlener. 5.. De hoogte van een pgb voor een zaak wordt bepaald op ten hoogste de kostprijs van de zaak die de aanvrager op dat moment zou hebben ontvangen als de zaak in natura zou zijn verstrekt. Als de naturaverstrekking een tweedehands voorziening betreft, wordt de kostprijs daarop gebaseerd, met een looptijd gelijk aan de verkorte termijn waarop de zaak technisch is afgeschreven, rekening houdend met onderhoud en verzekering. Als de naturaverstrekking een nieuwe voorziening betreft, wordt de kostprijs daarop gebaseerd, rekening houdend met een eventueel door de gemeente te ontvangen korting en rekening houdend met onderhoud en eventuele wettelijk verplichte verzekering. 6.. Het college bepaalt bij nadere regeling onder welke voorwaarden betreffende het tarief, een cliënt aan wie een pgb wordt verstrekt de mogelijkheid heeft om diensten, woningaanpassingen en andere maatregelen te betrekken van een persoon die behoort tot het sociaal netwerk. 7.. Tussenpersonen en belangenbehartigers mogen niet uit het persoonsgebonden budget worden betaald.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel